Je komt in een houding.
Legt misschien een bolster onder je.
Schuift nog een klein stukje.
En dan zeg ik:
“Hier blijven we een paar minuten.”
Als je gewend bent aan actievere yoga, kan dat in het begin een beetje vreemd voelen.
Want wat gebeurt er eigenlijk in die minuten?
Je beweegt nauwelijks.
Je spieren hoeven niet hard te werken.
Je hartslag schiet niet omhoog.
Je bent niet aan het zweten.
En toch kan je lichaam na een Yin-les totaal anders voelen dan ervoor.
Ruimer.
Warmer.
Zwaarder.
Soms een beetje rozig.
Alsof er veel meer is gebeurd dan je aan de buitenkant kon zien.
En eigenlijk is dat ook zo.
Bij Yin gebruik je je lichaam anders
Tijdens een actieve yogales gebruik je je spieren veel meer.
Je staat.
Je beweegt.
Je draagt je eigen lichaamsgewicht.
Je spant spieren aan om een houding vast te houden.
Bij Yin proberen we juist veel van die spieractiviteit los te laten.
Daarom zijn veel houdingen zittend of liggend.
Je gebruikt de zwaartekracht.
Je gebruikt soms bolsters, blokken of dekens.
En je blijft langer.
Dat zorgt voor een heel andere ervaring.
Waarom blijven we een paar minuten?
Bindweefsel reageert anders dan spieren.
Het is minder elastisch en heeft tijd nodig om op een rustige belasting te reageren.
Daarom bewegen we bij Yin niet snel in en uit een houding.
We zoeken een passende positie en blijven daar een tijdje.
Niet op je maximale grens.
Niet zo diep mogelijk.
Maar op een plek waar je iets voelt zonder je lichaam te forceren.
Dat laatste is belangrijk.
Yin gaat niet over harder trekken.
Juist niet.
Wat is bindweefsel eigenlijk?
Bindweefsel vind je door je hele lichaam.
Het ondersteunt en verbindt verschillende structuren en speelt onder andere een rol rondom spieren en gewrichten.
Je kunt het een beetje zien als een netwerk dat overal door je lichaam loopt.
Tijdens Yin richten we ons door die langere, rustige houdingen anders op dat weefsel dan tijdens een actieve yogales.
Je hoeft dat trouwens allemaal niet te voelen of te begrijpen terwijl je op je mat ligt.
Je lichaam doet zijn werk wel.
Je spieren mogen juist wat minder doen
Dat kan verrassend lastig zijn.
We zijn gewend om een houding vast te houden.
Buik aanspannen.
Benen aanspannen.
Schouders aanspannen.
Tijdens Yin vraag ik juist regelmatig:
“Kun je hier nog ergens iets minder doen?”
En dan merk je soms pas hoeveel je vasthoudt.
Je billen.
Je buik.
Je gezicht.
Zelfs je handen.
Je ligt ogenschijnlijk ontspannen en ondertussen is je halve lichaam nog aan het werk.
Ondersteuning helpt daarbij
Daarom gebruik ik graag hulpmiddelen tijdens Yin.
Een bolster onder je knieën.
Een blok onder je hoofd.
Een deken onder je heup.
Sommige mensen denken in het begin dat hulpmiddelen betekenen dat ze de houding niet goed kunnen.
Ik zie het precies andersom.
Als een bolster ervoor zorgt dat je lichaam minder hoeft te werken, kan dat juist de betere houding zijn.
Je hoeft jezelf niet in een vorm te duwen omdat het plaatje er mooier uitziet.
Je lichaam verandert tijdens een houding
Dat vind ik altijd interessant om op te merken.
Hoe een houding in de eerste twintig seconden voelt, hoeft niet hetzelfde te zijn als twee minuten later.
Misschien wordt de sensatie zachter.
Misschien merk je ineens een andere plek op.
Misschien voel je dat je adem rustiger wordt.
Of je ontdekt juist dat je toch iets moet aanpassen.
Daarom blijven we niet alleen stil.
We blijven ook luisteren.
Je hoeft niet steeds dieper
Dit gebeurt vaak.
Je ligt een tijdje in een houding en merkt dat er meer ruimte ontstaat.
Dan denkt je hoofd:
Mooi. Dan kan ik nu verder.
Maar waarom eigenlijk?
Je hoeft die nieuwe ruimte niet meteen op te vullen met een diepere houding.
Je kunt ook gewoon blijven waar je bent.
Dat vind ik persoonlijk een prachtige oefening.
Er ontstaat ruimte…
en je hoeft daar niet onmiddellijk méér van te maken.
Je kunt na een houding een vreemd gevoel hebben
Als je weleens Yin hebt gedaan, herken je dit misschien.
Je komt langzaam uit een houding en denkt:
Oei.
Je heup voelt even vreemd.
Je benen voelen zwaar.
Of je wilt niet meteen opstaan.
Dat is één van de redenen waarom we rustig uit een Yin-houding komen.
Na een paar minuten in dezelfde positie heeft je lichaam even tijd nodig om weer te bewegen.
Dus niet:
houding klaar, hup overeind.
Rustig.
Even voelen.
Even bewegen.
En dan verder.
Juist dat navoelen hoort erbij
Na een houding laat ik je soms even liggen.
Niet omdat ik vergeten ben wat de volgende houding is.
Maar omdat dat moment ertussen belangrijk is.
Wat voel je nu?
Warmte?
Tintelingen?
Ruimte?
Helemaal niets?
Je hoeft geen bepaald antwoord te hebben.
Je merkt gewoon op.
Dat is iets wat we in het dagelijks leven nauwelijks doen.
We gaan meestal meteen door naar het volgende.
Je adem verandert vaak vanzelf
Aan het begin van de les kan je adem nog wat hoger of sneller zijn.
Je bent net binnen.
Misschien kwam je rechtstreeks van je werk.
Je hebt nog van alles in je hoofd.
Naarmate je langer ligt en minder hoeft te doen, merk je soms dat je adem vanzelf verandert.
Dieper.
Rustiger.
Zonder dat je daar voortdurend bewust mee bezig hoeft te zijn.
Dat is vaak het moment waarop iemand zichtbaar wat zwaarder in de mat zakt.
Je merkt hoeveel spanning je onbewust vasthoudt
Dat vind ik misschien één van de interessantste lichamelijke effecten van Yin.
Niet dat er ineens spanning ontstaat.
Maar dat je eindelijk tijd hebt om te merken wat er al zat.
Je schouders blijken helemaal niet ontspannen.
Je kaken staan op elkaar.
Je buik is aangespannen.
En niemand heeft je gevraagd dat te doen.
Je lichaam was het gewoon gewend.
Dan kun je daar iets zachter in worden.
Niet omdat het moet.
Maar omdat je het eindelijk voelt.
Yin Yoga maakt je niet in één les compleet soepel
Dat wil ik ook graag een beetje relativeren.
Je doet een uur Yin en wordt niet wakker met een compleet ander lichaam.
Zo werkt het natuurlijk niet.
Wat je wél kunt merken is dat je bewegingsruimte anders voelt.
Dat je makkelijker beweegt.
Dat bepaalde gebieden minder strak aanvoelen.
En wanneer je regelmatig Yin doet, kan je mobiliteit veranderen.
Maar het hoeft geen project te worden waarbij je iedere week controleert of je alweer drie centimeter verder komt.
Er gebeurt ook iets met hoe je je lichaam ervaart
En dit vind ik minstens zo belangrijk als het fysieke stuk.
Tijdens Yin besteed je langere tijd aandacht aan lichamelijke sensaties.
Niet alleen:
Kan ik deze houding?
Maar:
Hoe voelt deze houding?
Waar zit mijn grens?
Wat verandert er?
Waar houd ik spanning vast?
Wat heeft ondersteuning nodig?
Je leert je lichaam daardoor steeds beter kennen.
Dat neem je mee buiten de les
Want uiteindelijk heb je niet zoveel aan een lichaam waar je alleen op maandagavond naar luistert.
Het wordt interessant wanneer je overdag eerder merkt:
Mijn rug zit vast.
Ik trek mijn schouders op.
Ik heb eigenlijk al uren niet bewogen.
Ik ben moe.
Dit is te veel.
Ik heb behoefte aan rust.
Dat lichaamsbewustzijn ontstaat niet doordat iemand je vertelt wat je zou moeten voelen.
Het ontstaat doordat je regelmatig de tijd neemt om daadwerkelijk te voelen.
Minder doen betekent niet dat er minder gebeurt
Dat is misschien wel de grootste misvatting over Yin Yoga.
Omdat we niet zweten en niet voortdurend bewegen, lijkt het alsof het minder doet.
We zijn gewend om effect te koppelen aan inspanning.
Hoe harder je werkt, hoe meer resultaat.
Maar een lichaam werkt niet altijd zo.
Soms heeft het juist tijd nodig.
Rust.
Aandacht.
Een beetje ruimte.
Niet harder trekken.
Niet verder duwen.
Niet sneller naar de volgende houding.
Gewoon een paar minuten blijven.
En je lichaam de kans geven om zelf te reageren.
Dat is voor mij de kracht van Yin.
Wil je zelf ervaren wat langere, rustige houdingen met je lichaam doen?
Tijdens mijn Mindpiece Yin lessen hoef je niet lenig te zijn en hoef je nergens zo diep mogelijk in. We gebruiken ondersteuning waar dat fijn is en zoeken steeds naar een houding die past bij jouw lichaam.
Ik geef Yin Yoga op maandagavond in Benthuizen. Je kunt eerst een proefles volgen en zelf ervaren wat een uur vertragen met je lichaam doet.












